Liedjes leren waarderen

15 04 2012

De term ‘Big Five’ slaat in Songfestivalland allang niet meer op olifanten en andere wilde dieren. Iedere fan weet dat Duitsland, Verenigd Koninkrijk, Spanje, Frankrijk en sinds de terugkeer ook Italië per definitie in de finale staan. Het is overbodig uit te leggen dat die landen daarmee een voordeel hebben. Maar zijn er ook nadelen? Sommige liedjes hebben tijd nodig om bij televoters in te dalen.

Liedjes worden soms beter naar mate je er vaker naar luistert. It grows on me, zeggen we dan, je moet sommige muziek langzaam ‘leren waarderen’. Niet alle liedjes liggen nu eenmaal direct gemakkelijk in het gehoor. Hoe dit precies zit weten we niet. Wat voor liedjes vragen zo’n gewenningskuur van de luisteraar? Zelf heb ik het idee dat daarover wel een soort algemene consensus bestaat- maar om precies uit te vinden hoe het zit zouden we diepgravend onderzoek moeten doen. Geldt het bijvoorbeeld alleen voor ballads? Of zijn er ook dancedeuntjes waar mensen aan moeten wennen? Lees de rest van dit artikel »





Tijd voor een inhaalslag

24 04 2011

De Europese landen die ooit met het Songfestival begonnen, moesten er even aan wennen. Door de forse uitbreiding van het deelnemersveld waren de deelnemers uit de beginfase een tijdlang niet meer toonaangevend. Met name de trotse Europese grootmachten uit de Big 4 lieten cynisme lang aan de winnende hand. Nieuwe gemotiveerde deelnemers konden met modernere liedjes profiteren.


Het lijkt alsof veel van die landen net op tijd het licht hebben gezien. Frankrijk zet de afgelopen jaren een sterke serie neer van zeer uiteenlopende bijdrages uitgevoerd door in eigen land en soms ook daarbuiten enorm populaire artiesten. In het Verenigd Koninkrijk kwakkelt men nog wat met de selectiemethodes, maar is dit jaar met Blue een vette vis aan de haak geslagen. Duitsland trok zich vorig jaar uit het slop door een compleet nieuwe internationale superster te creëren, en al dit tezamen bewoog Italië ertoe weer deel te nemen dit jaar. Ook dat mag toch een stap vooruit genoemd worden. Alleen Spanje moet het nog voornamelijk hebben van bijcategorieën zoals de hoofdprijs voor fanatiekste supporter. Lees de rest van dit artikel »





Het juiste antwoord

15 03 2010

Met nog drie landen te gaan wordt 2010 onherroepelijk het jaar van de ballads. Door heel Europa stemde het publiek de tragere nummers met vaak enorme voorsprongen naar de overwinning. Toch is dit geen garantie dat een ballad straks ook Oslo gaat veroveren. Televoting blijft een raar fenomeen, en stemmers kunnen om de meest rare redenen overstag gaan.

Het Litouwse lied ‘We are the winners’ profiteerde in 2006 van veel anti-stemmen

De Maltese zangeres Chiara was in 2005 misschien wel een perfect voorbeeld van het botseffect; haar uitgesproken dramatische ballade viel op tegen een decor van ethno-popnummers, en versloeg ze daarom bijna allemaal. Ook de ballades van Israel en Letland gooiden hoge ogen; van de ethnische deuntjes hield alleen Helena Paparizou zich uiteindelijk staande.

Afgelopen weekend probeerden twee landen uit de Big 4 van hetzelfde effect te profiteren. Allereerst was het Verenigd Koninkrijk aan de beurt. Na de knappe heropleving vorig jaar, toen It’s my time van Jade vijfde werd, kozen de Britten voor een soortgelijk systeem dit jaar. Een grote componist schrijft het liedje, en daar wordt vervolgens een passende artiest bij gekozen. Eigenlijk een vergelijkbaar systeem met dat van Nederland, als je althans Vader Abraham met Andrew Lloyd Webber wilt vergelijken…

Voor de Britten werd het dit jaar Pete Waterman (huiskamervraag: Stock, ? en Waterman? Fill in the blanks). Bekend geworden met een gevierd trio dus, maar daarin speelde Waterman toch met name de rol van merchandiser. Zijn taak was het promoten van de muziek, terwijl zijn maten de liedjes schreven. Nu Waterman er alleen voor staat blijkt dit eens te meer; That sounds good to me is een Zweedse schlager van de eerste orde. De artiest die het mag uitvoeren (Josh), kan absoluut zingen. Het lied klinkt echter niet zo goed voor mij.

Een heel ander verhaal werd het voor een andere rechtstreeks geplaatste finalist: Duitsland! Een ingewikkeld selectiesysteem leidde daar uiteindelijk tot een finale met twee artiesten en meerdere liedjes. Chaos was troef, tot er uiteindelijk duidelijkheid kwam: Lena Meyer-Sandrut gaat Satellite zingen. Een vrolijk, funky popliedje in vloeiend Duingels. Van de performance was ik nog niet direct overtuigd, maar toen ik het filmpje van het finaleoptreden wat aandachtiger bekeek, was ik plots helemaal om. Lena draagt een Taizéketting, kijk maar eens goed!

En dus spring ik al de hele dag als een satelliet door het huis; Love, oh love! Het is duidelijk; hoeveel ik ook klaag, kreun en steun als bijvoorbeeld Litouwen weer hoog scoort met een nonliedje, ik ben zelf ook vatbaar voor allerlei randeffecten. En dan heb ik het nog niet eens gehad over de startvolgorde; een belangrijk gegeven dat ons onbewust ook allemaal beinvloedt. Het juiste antwoord op de ballades is dus geen simpele rekensom; uiteindelijk weten televoters vaak zelf niet eens waarom ze op een liedje stemmen. Laat staan dat keuzeheren of componisten een interne selectie daar moeiteloos op aan kunnen passen. Het blijft altijd gokken… en afwachten.

De beeldschone Lena Meyer-Landrut, rechts mét Taizéketting.

Beluister haar lied Satellite hier! Je zou er toch bijna zelf verliefd op worden?

En nu jullie: stoor jij je aan het Duitse accent van Lena, of tol je ook als een satelliet door je huiskamer? Is Josh een passend antwoord op de ballades? Wat kunnen de laatste drie landen het beste kiezen?